Klontborsten I

Heere m'n tiet

Mannen zitten voor de ontspanning weleens met hun hand in de broek. Ik heb daar geen oordeel over, want ik zit voor de ontspanning regelmatig met mijn hand in mijn bh. Gisteravond keek ik Dr. Phil – omdat hoe laat het ook is, Dr. Phil is altijd op tv – en legde mijn rechterhand in mijn linkercup.

Mijn hand ontdekte iets raars in mijn borst. Het voelde als een klont taartdeeg, dat te lang op het aanrecht had gestaan en toen in een pudding was gestopt. De klont maakte me bang. Ik zette Dr. Phil af en voelde nauwkeuriger. Dit hoort niet in mijn borst thuis, voelde ik. Mijn gedachten gingen meteen naar het ergste wat er kan zijn met je borsten en daarna gingen mijn gedachten en ik naar bed. Dat leek me beter.

De volgende dag ben ik wakker voor de wekker en mijn hand grijpt naar mijn borst. De klont zit er nog steeds. Niet groter, niet kleiner, maar gewoon, nog steeds. Klontkanker, denk ik. Gatver. Ik bel de huisarts en moet bij een vervangende dokter komen. Plukkend aan mijn haar wacht ik tot de receptioniste mijn naam verkeerd uitspreekt, dat is het sein dat ik naar binnen mag. De vervangend arts blijkt één van de knapste mannen onder de 35 te zijn die ik ooit heb gezien. Gemillimeterd bruin haar, grote blauwe ogen en brede schouders. Het blauwe blokjesoverhemd is het enige dat aan hem schort. Shit. Moet jij nu aan mijn…

“Ik heb een klont gevoeld in mijn borst,” zeg ik.
“En wanneer heb je dat gevoeld?”
“Gisteren.”
“Daarvoor niet?”
“Nee, daarvoor niet. Is dat erg? Of juist niet?”
Ik wil medisch wenselijke antwoorden geven, zodat ik weg kan. Het liefste heb ik dat hij keihard lacht en zich hardop afvraagt waarom ik in hemelsnaam met dit klontje naar hem ben toegekomen.
“Zullen we even kijken?”
“Het zal wel niks zijn,” zeg ik, “ik moet ook ongesteld worden en dan zijn je borsten altijd rommelig,” kraam ik uit.
“Loop maar mee naar achter.”

Ik loop mee naar achter, doe mijn trui uit, hang mijn bh over de stoel. Die had ik wel zorgvuldiger uit kunnen kiezen, want zelfs voor Satine uit de Moulin Rouge is dit nog een pittig bovenstukje. De dokter wrijft zijn handen tegen elkaar en voelt. Eerst de goede, zonder klonten, zodat hij kan vergelijken. Hij duwt zachtjes met zijn vingertoppen. Ik hoop dat er in de goede borst toch ook klonten zitten, dat ik gewoon rare borsten heb, dat hij zegt: “Ja, ik voel het. Je hebt klontborsten. Het is lullig, het voelt raar, maar het is onschuldig.” Helaas, hij zegt dat niet.
“Deze borst voelt normaal, nu ga ik even naar de andere.” Hij duwt weer zachtjes en gaat over de klont heen.
“Het zal wel niks zijn,” zeg ik weer.
“Als je iets in je lichaam voelt waarvan jij denkt dat het er niet hoort, dan klopt dat instinct vaak hoor,” zegt hij.
Goh. Mijn instincten kloppen regelmatig niet. Ik vraag me af of ik dan eigenlijk ook heel goed kan auto rijden.
“Ik voel het. Ja hier, onder de tepel. Doe je vaker borstonderzoeken?”
“Nee, niet echt.”
“Ik raad aan om toch één keer per maand je borsten te onderzoeken.”
“Ik ben pas achtentwintig.”
“Steeds meer vrouwen van rond de dertig krijgen ook borstkanker, ik zie het vaker.”
“Ik ben pas achtentwintig,” herhaal ik met een hoog stemmetje.

Hij gaat terug naar de gespreksruimte. Ik trek mijn Moulin Rouge bh aan en loop – m’n trui over mijn hoofd heen trekkend – achter hem aan. Mijn mond is droog.
“Ik wil graag zo snel mogelijk foto’s laten maken,” zegt hij.
Mijn ogen prikken.
“Kun je morgen of anders vandaag?”
“Wat, wat is er dan precies?”
“Wat het precies is, weet ik niet, maar foto’s geven altijd uitsluitsel.”
“Ja. Ik kan, morgen of vandaag. Ik ben een freelancer met te weinig werk.”

De dokter zegt dat ik me niet te druk moet maken. Dat hij zelf het ziekenhuis zal bellen voor een afspraak, want dan is het ’t snelst geregeld. Maar het kan alsnog van alles zijn, zegt hij, we nemen het zekere voor het onzekere. Rationeel weet ik dat het van alles kan zijn, maar de pest is dat ik zo’n levendige fantasie heb. Terwijl ik de dokterspraktijk uitloop, denk al aan mijn gebrek aan verzekering en dat ik straks noodgedwongen weer bij mijn ouders moet wonen. En aan mooie, verdrietige liedjes.

Ik bel een vriend op en vertel over de klont, de knappe dokter en dat je borsten altijd rommelig doen als je ongesteld moet worden.
“Ben je bang?” vraagt hij.
“Best wel.”
“Snap ik. Maar het kan ook niks zijn. De kans is groot dat het niks is.”
“Dat is zo.”
“Het zijn maar foto’s.”
“Ja.”
“En, weet je, in ieder geval heeft er een lekkere vent aan je tiet gezeten.”
Ik lach en veeg een traantje weg. Dat is waar, in ieder geval heeft er een lekkere vent aan mijn tiet gezeten. En nu maar wachten op de tietkiek.

Benieuwd hoe dit afloopt? Lees dan Klontborsten II

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s