Het foto-moment

Het fotomoment

“Heb je een foto van hem?” vraagt een vriend aan me.
– “Nee,” zeg ik.
“Wel. Je hebt wel een foto.”
– “Ja ik heb wel een foto maar…”
“Laat zien.”
– “Misschien wordt het wel niks. Ik weet het nog niet. Je krijgt een foto als het wat wordt.”
“Laat nou zie-hien!”
Zuchtend open ik Facebook en klik op een foto van een apart figuur, met een oor dat vrij ver van zijn hoofd afstaat en gordijntjeshaar dat dit oor net niet bedekt. Ik glimlach. Het Oor is mijn nieuwste liefdesavontuur.

Als ik begin aan een liefdesding is er altijd dat moment dat vrienden een foto van hem willen zien. Dit foto-moment voltrekt zich vrij vroeg in het stadium van datgene dat (nooit) een relatie wordt. Voor mij is dit problematisch. Ik date met jongens die een groter hoofd hebben dan dat op hun lichaam past. Word verliefd op mannen met vieze, vlassige snorretjes en verdwaalde baardharen. Ik vind manorexics in te strakke broeken leuk en kus jongens met teveel en over elkaar heen staande tanden. Geen beauty’s dus.

– “Oké,” zeg ik wanneer ik een foto van het Oor heb gevonden waarop hij er normaler uitziet dan in werkelijkheid. “Het is geen beauty, he,” waarschuw ik.
“Jaja, geef nou maar.”
Ik draai mijn laptop om en laat hem zien.
“Ja,” zegt de vriend. Hij klikt langs de rest van de foto’s. En dat terwijl ik zo mijn best deed om de beste foto van hem uit te kiezen. “Ja,” herhaalt hij. “Het is geen beauty inderdaad.”

Op mijn negentiende nam ik mijn eerste vriendje mee naar mijn ouders. Hij was lief en slim en lachte om mijn grapjes en ik kon ‘m wel opvreten. Toen ik belde naar mijn moeder om te vragen wat ze van hem vond, zei ze: “Wat is hij dun. En wat een grote tanden. Een beetje een gekkie.”
Het was haar ook wel opgevallen dat hij aardig was, maar ja, die tanden, die maakten een grotere indruk. Ik zag ze nu ook.

Mijn vrienden reageren vaak subtieler, maar in dezelfde strekking. Dit kan een gevalletje van totale projectie zijn, maar toch: toen ik vertelde over het Oor met gordijntjeshaar, werd er niet gevraagd wat het grappigste was dat hij had gezegd, hoe hij me heeft kunnen raken of op welke manieren hij me anders naar dingen deed kijken. Nee. Heb je een foto van hem.

Nu is het niet zo dat ik ze erom uitzoek, die apart uitziende types. En, voordat mannen dit verhaal verlaten met een minderwaardigheidscomplex, wil ik benadrukken dat ik het geen lelijke mannen vind. Het zijn types die een flinke marge verschillen met het reguliere schoonheidsbeeld, te weten: mannen met baarden en hun knotten, jongens met een perfecte lach en corresponderende lijven of heren met hippe kuiven en even hippen pakken. Dit soort mannen bekoren mij niet. Ze kunnen nog zo mooi zijn, ik heb er nog niet een ontmoet die past bij wie ik ben. Mijn mannen zien er een beetje gek uit, maar ik vind ze aantrekkelijk omdat ze slim zijn. Inspirerend. Grappig. Omdat ze de dingen zeggen die me verbazen. Omdat ze in werelden wonen die anders zijn dan de mijne.

Maar waarom wil ik dan geen foto’s laten zien van mijn mannen? Als ik wild ben van wie ze zijn, doet een foto daar niks aan af. Waarom zoek ik de beste foto van het Oor? Terwijl het mij dus niet gaat om het uiterlijk. En waarom ben ik teleurgesteld dat vrienden mijn liefdesavonturen nooit ‘beauty’s’ vinden? Zij moeten niet met de man in kwestie aan het bier of in het bed.

Ik geef de maatschappij, het schoonheidsbeeld en mijn moeder de schuld. Mijn moeder past het boetekleed alleen niet zo goed. Ook op mijn negentiende, toen ik uitviel na haar oordeel op mijn vriendje, gooide ze dat kleed van zich af. “Ik bedoel er helemaal niks mee,” zei ze toen. “Je bent geen doorsnee meisje en dat zal je nooit zijn ook. Jij komt thuis met wat anders dan het buurmeisje. En dat mag.” Nu ik tegen haar klaag over de reacties van vrienden op het Oor, is ze net zo streng als toen. “Misschien moet jij jezelf eens accepteren en de keuzes die je maakt. Wat anderen vinden, moet je geen moer kunnen schelen.” Zoals alleen moeders dat kunnen, legt ze ook nu haar vinger op mijn zere plek, maar gelukkig doet ze het zachtjes. “Als je goedkeuring zoekt, heb je die. Je mag van mij met alle gekkies van de wereld thuiskomen. Nu van jou nog.”

Ze heeft gelijk. Ik ga voor mezelf en daarmee voor het Oor. Of mensen hem nu leuk vinden of niet: ik vind hem leuk. Dus ik gooi een flinke dosis acceptatie tegen mezelf aan, koppel hem los van het standaard schoonheidsbeeld en duik in mijn eigen schoonheidsbeeld. Waar hij – echt – in past.

Het blijkt te laat. Het Oor belt niet meer terug, al hadden we nog zoveel te bespreken.

Nu zit ik weer achter mijn laptop, starend naar de profielfoto die ik eerst niet aan mijn vriend durfde te tonen. Ook de vriend is er weer. Samen kijken we naar het scherm. Een traan rolt van mijn kin. Na een tijdje klapt de vriend mijn laptop dicht. “Joh, wat kan jou het schelen. Het was toch geen beauty.”
“Nee, precies,” zeg ik en veeg tevreden mijn kin droog.

3 gedachtes over “Het foto-moment

  1. Het foto moment, wat heerlijk herkenbaar weer. Maar goed, val op wie je wilt, ongeacht hoe ze er uit zien. Van een mooi bord kun je niet eten.

  2. Ik weet een leuke man met 2 oren! Die wat van zijn hoofd afstaan en die jou ook leuk vind zoals je bent! Maar helaas heeft hij (nog ) een relatie.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s